Zoals ik hier al eerder meldde, doe ik elk jaar mee aan een besloten schrijfmarathon. Besloten, want eerste versies deel je liever niet met onbekenden! Dus meelezen achter de schermen gaat niet gebeuren. Zondag klonk het startschot en vlogen negen schrijvers als waren we Jenning de Boo uit de startblokken. Nu is een marathon geen sprint, dus na die snelle start hebben we allemaal ons ritme gevonden. Dertig dagen schrijven in goed (online) gezelschap aan een eerste versie: ik houd ervan.
Ik beloofde jullie kijkjes achter de schermen en dus wil ik wel iets laten zien over mijn eigen schrijfproces. Dit keer gebruikte ik het korte verhaal dat ik heb gemaakt voor het souvenirboek van de Gentse SF-conventie op 3 mei als uitgangspunt. Beetje vals spelen: want nu had ik al twee stukken tekst om de eerste twee dagen mee door te komen. En gezien de zware verkoudheid die me afgelopen weekend in de greep had, was dat wel even heel fijn. Want meedoen aan een marathon betekent dat je stug doorschrijft en niet halverwege een paar dagen ziek in je bed kunt gaan liggen. Dan ben je toch echt af.
Hoe dan ook: de eerste twee posten staan en vandaag volgt nummer drie. Ik heb nog een staartje van dat verhaal en daarop ga ik verder bouwen. Later deze week zal ik wat meer vertellen over dat verhaal. Voor nu: het wordt een detectiveverhaal in een SF-setting. Daar had ik al heel lang zin in.


